Wat zijn de gespecialiseerde onderzoeksopdrachten van de centrale diensten van de gerechtelijke politie?

De centrale diensten van de Algemene Directie Gerechtelijke Politie (DGJ) voeren gespecialiseerde onderzoeksopdrachten uit met betrekking tot

fraude met financiële instrumenten, fraude met de financiële belangen van de Europese Unie, btw-oplichtingen van het type grootschalige carrousel die een ernstig nadeel berokkenen aan de financiële belangen van de Staat en complexe dossiers met internationale draagwijdte die slechts uitzonderlijk voorkomen en een specifieke expertise vereisen

ernstige vormen van ICT-criminaliteit waaronder deze die de informaticasystemen van de kritieke infrastructuren in gevaar brengen

ernstige vormen van corruptie, met name openbare omkoping, illegale belangenneming, knevelarij en verduistering door ene persoon die een openbaar ambt uitoefenen, fraude bij overheidsopdrachten en subsidiefraude

de opsporing van voortvluchtigen personen in het kader van de onderzoeken die zijn toegekend aan de federale politie en, wat de strafuitvoering betreft, de opsporing van voorvluchtige veroordeelde of geïnterneerde personen

misdrijven in het militaire milieu.

Daarnaast voeren ze (op vraag en onder het gezag van de federale procureur) elke onderzoeksopdracht uit met het oog op de lokalisatie van misdaden of wanbedrijven zodat de bevoegde gerechtelijke overheid in staat is om het onderzoek toe te vertrouwen aan de politiedienst die ze aanduidt.

Welke centrale diensten?

De opdrachten op de lijst worden op dit moment toevertrouwd aan

de centrale dienst voor de bestrijding van de georganiseerde economische en financiële delinquentie (CDGEFID)

de centrale dienst voor de bestrijding van de informaticacriminaliteit (FCCU)

de centrale dienst voor de bestrijding van de corruptie (CDBC)

de centrale dienst ?Fugitive Active Search Team (FAST)

de centrale dienst van de gerechtelijke politie in militair milieu (DJMM)

Optimalisatie politiediensten

De lijst komt er in uitvoering van de Wet van 26 maart 2014 tot optimalisatie van de politiediensten. Daarin heeft de wetgever onder meer de opdrachten van de DGJ geherdefinieerd. Sindsdien stelt de Wet op de Geïntegreerde Politie uitdrukkelijk dat de DGJ instaat voor 'de gespecialiseerde opdrachten van gerechtelijke politie en de ondersteuning van de politieopdrachten met inbegrip van de onderzoeksopdrachten in het raam van de aangelegenheden bepaald door de Koning bij een in Ministerraad overlegd besluit'. Het KB is het resultaat van een grondige analyse waarbij taken en bevoegdheden werden geanalyseerd op basis van specifieke criteria (zoals de nood aan expertise, partnership, risico op beïnvloeding, enz.).

In werking: 12 augustus 2019.

Bron: Koninklijk besluit van 23 juni 2019 ter uitvoering van artikel 102, tweede lid, 4°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, BS 2 augustus 2019.

Zie ook
Wet van 26 maart 2014 houdende optimalisatiemaatregelen voor de politiediensten, BS 31 maart 2014 (art. 19).