EU neemt maatregelen tegen brievenbusbedrijven, systematische cabotage en nomadische bestuurders in internationaal transport

De Europese Unie neemt maatregelen tegen bepaalde cowboypraktijken in het wegvervoer. De vergunningplicht wordt uitgebreid naar voertuigen van meer dan 2,5 ton. De betrouwbaarheidseis en de financiële draagkracht van de vervoerondernemingen worden strenger. Er wordt een terugkeereis ingevoerd. En er komt een 4-dagenregeling bij cabotage.

Al vanaf 2,5 ton

De regels op de vergunning, op de vakbekwaamheid, op de financiële aansprakelijkheid en de andere voorschriften op de toegang tot het beroep van wegvervoerder gelden in het vervolg ook voor ondernemingen die aan internationaal goederenvervoer doen met voertuigen of voertuigcombinaties met een toelaatbare massa van meer dan 2,5 ton.
In sommige lidstaten was dat al het geval, maar op Europees vlak golden die regels alleen voor voertuigen of voertuigcombinaties van meer dan 3,5 ton. Met verordening 2020/1055 komt er uniformiteit in alle lidstaten.

Ondernemers die uitsluitend aan internationaal goederenvervoer doen met voertuigen of samenstellen met een toelaatbare massa van 3,5 ton, hoeven de regels op de toegang tot het beroep van wegvervoerondernemer pas toe te passen vanaf 21 mei 2022. Voor de anderen is dat vanaf 21 februari 2022.
De lidstaten kunnen die ondernemingen vrijstellen van het examen van vakbekwaamheid, als zij op 20 augustus 2020 al 10 jaar ononderbroken goederen vervoerden.

4 Europese eisen

Europa eist dat ondernemingen die het beroep van wegvervoerondernemer uitoefenen:

op een werkelijke en duurzame wijze gevestigd zijn in een lidstaat,

betrouwbaar zijn,

voldoende financiële draagkracht bezitten, en

over de vereiste vakbekwaamheid beschikken.

De lidstaten konden daar eigen voorwaarden aan toevoegen, maar die mogelijkheid wordt geschrapt. De verschillen in het recht op toegang tot het beroep naargelang de lidstaat, vallen dus weg.
De Unie vult háár 4 eisen wel verder aan.

Betrouwbaarheid

Een wegvervoerondernemer kan bijvoorbeeld alleen nog aan de betrouwbaarheidseis voldoen als hij geen belastingschulden heeft en als hij geen veroordeling heeft opgelopen voor een ernstige inbreuk op de regels op de detachering van werknemers in het wegvervoer, op de regels op de cabotage, of op de wettelijke regels op de contractuele verplichtingen.
De Commissie zal lijsten opstellen met categorieën van inbreuken die tot het verlies van de betrouwbaarheidsstatus kunnen leiden.

Als een vervoermanager zijn betrouwbaarheidsstatuut verliest, is zijn getuigschrift van vakbekwaamheid in geen enkele lidstaat meer geldig. Hij kan gedurende een vol jaar niet gerehabiliteerd worden en hij zal in elk geval eerst opnieuw een opleiding van minstens 3 maanden moeten volgen en moeten slagen in het examen.

Financiële draagkracht

De 'nieuwe' wegvervoerondernemers bewijzen hun financiële draagkracht met een som van 900 euro voor elk motorvoertuig of samenstel met een toelaatbare maximummassa tussen de 2,5 en de 3,5 ton als zij ook zwaardere trucks gebruiken waarvoor ook bepaalde minima gelden. Of met een bedrag van 1.800 euro voor het eerste en 900 euro voor elk volgend voertuig als het bedrijf alleen met voertuigen tot 3,5 ton werkt.

Vestiging

Het meest opvallend is wellicht één van de nieuwe vestigingsverplichtingen. Europa eist vanaf nu dat de onderneming haar vervoer zodanig organiseert dat de voertuigen waarover de onderneming beschikt en die voor internationaal vervoer gebruikt worden, ten minste binnen de 8 weken na vertrek uit de lidstaat terugkeren naar één van de exploitatievestigingen in die lidstaat.
Dat is één van de maatregelen waarmee de Unie paal en perk wil stellen aan brievenbusondernemingen.

Cabotage

Ook op het vlak van cabotage wordt er een belangrijke beperking ingevoerd. Cabotage helpt om de benuttingsgraad van zware bedrijfsvoertuigen te verhogen en het aantal lege ritten te verminderen, maar het mag geen permanente of ononderbroken activiteit in de betrokken lidstaat worden. Daarom mogen vervoerders met hetzelfde voertuig of met dezelfde voertuigcombinaties geen cabotage meer verrichten gedurende 4 dagen na het einde van een cabotage in een bepaalde lidstaat.

Anderzijds versoepelt de verordening de wijze waarop bestuurders kunnen aantonen dat zij aan cabotage doen.

De lidstaten krijgen tot slot de plicht om minstens 2 keer per jaar onderling afgestemde controles uit te voeren op de cabotages.

Vanaf 21 februari 2022

Verordening 2020/1055 is van toepassing vanaf 21 februari 2022. Zij maakt samen met nog 2 andere verordeningen en een richtlijn deel uit van het nieuwe mobiliteitspakket voor het wegvervoer.

Bron: Verordening (EU) 2020/1055 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2020 houdende wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1071/2009, (EG) nr. 1072/2009 en (EU) nr. 1024/2012 teneinde ze aan te passen aan ontwikkelingen in de wegvervoersector, Pb. L249, 31 juli 2020.

Zie ook:
Verordening (EG) 1071/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels betreffende de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om het beroep van wegvervoerondernemer uit te oefenen (...) , Pb. L300, 14 november 2009.
Verordening (EG) 1072/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels voor toegang tot de markt voor internationaal goederenvervoer over de weg, Pb. L300, 14 november 2009.
Verordening nr. 1024/2012/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende de administratieve samenwerking via het Informatiesysteem interne markt en tot intrekking van Beschikking 2008/49/EG van de Commissie (?de IMI-verordening?), Pb. L316, 14 november 2012.
Nieuwe mobiliteitspakket voor het wegvervoer:
1) Verordening (EU) 2020/1054 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2020 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 561/2006 wat betreft de minimumeisen voor maximale dagelijkse en wekelijkse rijtijden, minimumonderbrekingen en dagelijkse en wekelijkse rusttijden, en Verordening (EU) nr. 165/2014 wat betreft positionering door middel van tachografen, Pb. L249, 31 juli 2020.
2) Verordening (EU) 2020/1056 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2020 inzake elektronische informatie over goederenvervoer, Pb. L249, 31 juli 2020.
3) Richtlijn (EU) 2020/1057 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2020 tot vaststelling van specifieke regels met betrekking tot Richtlijn 96/71/EG en Richtlijn 2014/67/EU wat betreft de detachering van bestuurders in de wegvervoersector en tot wijziging van Richtlijn 2006/22/EG wat betreft de handhavingsvoorschriften en Verordening (EU) nr. 1024/2012, Pb. L249, 31 juli 2020.
4) Mobiliteitspakket I betreffende het wegvervoer ? Verklaring van de Commissie, Pb. C252, 31 juli 2020.