UBO-register: uiteindelijk begunstigde verplicht om info te verstrekken aan vennootschap waarvan hij zelf begunstigde is (Div. Bep. antiwitwas, art. 171-172)

Vennootschappen, maatschappen, (internationale) vzw's, stichtingen, trusts en fiduciën moeten de informatie die ze verplicht over hun uiteindelijke begunstigden hebben ingezameld, meedelen aan het 'centraal register van de uiteindelijk begunstigden' (het Ultimate Beneficial Owner-register, afgekort UBO-register).

De wet van 20 juli 2020 verplicht nu ook de uiteindelijke begunstigde om zijn informatie over te maken aan de vennootschap of rechtspersoon waarvan hij zelf de uiteindelijk begunstigde is (nieuwe tweede zin in art. 1:35, WVV; art. 171, wet van 20 juli 2020).

Uiteindelijk begunstigden die deze verplichting niet nakomen, riskeren de administratieve sancties die zijn vastgelegd in artikel 132, § 6, eerste en tweede lid van de antiwitwaswet van 18 september 2017 (nieuw tweede lid, art. 1:36, WVV; art. 172, wet van 20 juli 2020).
Daardoor kan de minister van Financiën de uiteindelijk begunstigde die ofwel helemaal geen, ofwel geen kwaliteitsvolle gegevens verstrekt, een administratieve geldboete opleggen die minimum 250 euro en maximum 50.000 euro bedraagt.

De verplichting voor de vennootschappen en rechtspersonen om de informatie over hun uiteindelijk begunstigden bij te houden en in te voeren in het UBO-register vloeit voort uit de 'vierde antiwitwasrichtlijn', die werd gewijzigd door de vijfde antiwitwasrichtlijn.

De 'Administratie van de Thesaurie' van de FOD Financiën houdt het UBO-register bij.

Door de oprichting van dit register en de precieze identificatie van de uiteindelijke begunstigden van deze juridische entiteiten kan België de transparantie van de eigendomsstructuren van deze entiteiten garanderen en zo efficiënter de strijd aangaan tegen het witwassen van geld en terrorismefinanciering.

In werking:

deze nieuwe maatregelen treden in werking vanaf 15 augustus 2020.

Bron: Wet van 20 juli 2020 houdende diverse bepalingen tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten, BS 5 augustus 2020 (Div. Bep. Antiwitwas, art. 171-172)

Zie ook:
- Wetboek van vennootschappen en verenigingen van 23 maart 2019, BS 4 september 2019 (WVV) (art. 1:35 en art. 1:36) ln209683-36
- Wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten, BS 6 oktober 2017 (antiwitwaswet).
- Richtlijn (EU) 2018/843 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2015/849 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, en tot wijziging van de Richtlijnen 2009/138/EG en 2013/36/EU, Pb.L. 156, 19 juni 2018, p. 43 (vijfde antiwitwasrichtlijn).
- Richtlijn (EU) nr. 2015/849 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2006/70/EG van de Commissie, Pb.L. 141, 5 juni 2015, p. 73 (vierde antiwitwasrichtlijn).
- Koninklijk besluit van 30 juli 2018 betreffende de werkingsmodaliteiten van het UBO-register, BS 14 augustus 2018.