Moederschapsrust: gelijkstelling ziekte, ongeval en tijdelijke werkloosheid ook voor Rijksambtenaren

De wet van 12 juni 2020 heeft de moederschapsrust voor arbeiders en bedienden aanzienlijk versoepeld. Zwangere werkneemsters die in de 6 weken voor de vermoedelijke bevallingsdatum ziek worden, een ongeval hebben, tijdelijk werkloos worden door overmacht (arbeiders en bedienden), tijdelijk werkloos worden wegens economische redenen (bedienden) of waarvoor werkverwijdering is ingeschakeld als maatregel van moederschapsbescherming (profylactisch verlof) mogen hun 5 weken prenataal verlof (7 ingeval van een meerling) overdragen naar de periode na het postnataal verlof. Deze afwezigheden zijn voortaan gelijkgesteld met arbeidsperiodes. De regeling werd retroactief ingevoerd, met ingang vanaf 1 maart 2020 zodat de vele zwangere werkneemsters die door corona in tijdelijke werkloosheid zitten en een deel van hun prenataal verlof dreigden te verliezen er gebruik van konden maken. Om ongelijkheid tussen aanstaande moeders te vermijden, stemt de federale regering de ?regels moederschapsrust voor Rijksambtenaren? nu af op de bepalingen in de wet van 12 juni 2020.

Voortaan maken dus ook de ambtenaren die onderworpen zijn aan het KB van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het rijkspersoneel aanspraak op de nieuwe mogelijkheden. Met name alle personeelsleden die in vast dienstverband hun diensten aan een Rijksbestuur verlenen (statutaire ambtenaren), behalve (de provinciegouverneurs, de gouverneur en vice-gouverneur van het administratieve arrondissement Brussel-Hoofdstad, de adjunct van de gouverneur van Vlaams-Brabant, de arrondissementscommissarissen, het wetenschappelijk personeel van de wetenschappelijke inrichtingen van de Staat, de ambtenaren van de buitendiensten van Staatsveiligheid, de personen die verbonden aan ministeriele kabinetten die niet in overheidsdienst tewerkgesteld zijn, de leden, experten en uitvoerende personeelsleden en medewerkers bij de beleidsorganen van de federale overheidsdiensten). 

En ook voor hen geldt de regeling retroactief vanaf 1 maart 2020.

Bron: 22 augustus 2020 - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen betreffende het moederschapsverlof, BS 07 september 2020, p.65083.

Zie ook
Wet van 12 juni 2020 tot wijziging van de periodes die plaatsvinden tijdens de voorbevallingsrust en in aanmerking kunnen worden genomen voor de verlenging van de nabevallingsrust, BS 18 juni 2020.