Slachtoffers technologische ramp binnenkort sneller vergoed

Slachtoffers van grote technologische rampen zullen binnenkort al een paar maanden na het ongeval een schadevergoeding kunnen krijgen van het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds. Nu moeten ze nog wachten op de afloop van de rechtszaak, wat vaak vele jaren kan duren. Een ?comité van wijzen' zal de ramp wel eerst als ?uitzonderlijk schadegeval' moeten erkennen.

Slachtoffers krijgen onmiddellijk informatie over schadevergoeding

Bij een technologisch ongeval waarbij minstens 5 personen een ernstig lichamelijk letsel hebben opgelopen, zal het parket van de plaats van de ramp binnenkort onmiddellijk een ?interne cel voor de opvang en begeleiding van slachtoffers' opzetten. Nog voor de ramp officieel wordt erkend. Het doet dit op vraag van de minister van Justitie.

De opvangcel maakt een lijst op van de slachtoffers, van hun rechthebbenden en van hun advocaten. Ze geeft de slachtoffers alle nuttige informatie over de verdediging van hun rechten en de manier waarop ze een schadevergoeding kunnen krijgen. Die inlichtingen worden altijd gegeven ongeacht het gaat over een vergoeding voor materiële schade, economische lichamelijke schade of niet-economische lichamelijke (geestelijke) schade.

Erkenning geeft startschot verdere procedure

Bij een grote technologische ramp zal een ?comité van wijzen' nagaan of het ongeval kwalificeert als een ?uitzonderlijk schadegeval'. In dit comité zetelen de ministers van Justitie, Financiën, Volksgezondheid en Verzekeringen en de vertegenwoordigers van de verzekeringsondernemingen, de verbruikersverenigingen, het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds en de Nationale Bank van België.

De beslissing van het comité volgt binnen de maand na het verzoek van de minister van Justitie. Elke erkenning als grote technologische ramp verschijnt zo snel mogelijk in het Belgisch Staatsblad. Dit is immers het startschot voor de verdere procedure.

Vergoeding van het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds

Alleen slachtoffers van erkende grote technologische rampen komen in aanmerking voor een schadevergoeding op basis van wat ?de Gellingenwet' wordt genoemd. Ze hoeven dan niet meer te wachten op de uitspraak van het proces. Het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds zorgt ervoor dat ze al een paar maanden na het ongeval een vergoeding krijgen. Bij ?zwaardere dossiers' kan de betalingstermijn verder oplopen, tot meer dan een jaar na de publicatie. Maar de slachtoffers kunnen wel al een voorschot krijgen.

Start procedure

De minister van Justitie zal de opvangcel vragen om het fonds een voorlopige lijst met slachtoffers, rechthebbenden en hun advocaten te bezorgen. Het fonds moet die lijst ontvangen binnen de maand na publicatie van de erkenning. Het fonds zal onmiddellijk contact opnemen met iedereen op deze lijst en hen voorstellen hun dossier in behandeling te nemen. Zij zijn echter niet verplicht hier op in te gaan en kunnen afzien van hun schadeclaim.

De slachtoffers kunnen ook zelf contact opnemen met het fonds. Ze krijgen daarvoor 6 maanden de tijd vanaf de publicatie in het Staatsblad. Wie zich niet rechtstreeks aanmeldt, mag zich ook tot 6 maanden na de publicatie, per aangetekende brief, opgeven bij de opvangcel. De opvangcel brengt het fonds daarvan op de hoogte.

Voorstel binnen de 3 maanden

Het fonds verzamelt alle nuttige gegevens voor het dossier en zorgt ervoor dat het slachtoffer een schadevergoeding kan krijgen van zijn verzekeraar of ziekenfonds. Kan de schade niet of slechts gedeeltelijk worden vergoed, dan zal het fonds zelf een schadevergoeding voorstellen aan het slachtoffer. Die beslissing volgt binnen de 3 maanden na ontvangst van de lijst met slachtoffers of de aanmelding.

Definitief of voorlopig

Er zijn verschillende vormen van schadeloosstelling door het fonds. Kan de schade in cijfers worden uitgedrukt, dan doet het fonds onmiddellijk een definitief vergoedingsvoorstel. Is dit niet mogelijk dan volgt een voorlopig vergoedingsvoorstel dat rekening houdt met de kosten, de aard van de letsels en de geleden pijn en schade als gevolg van de verstreken periodes van arbeidsongeschiktheid en invaliditeit. Er kan gewerkt worden met voorschotten. Van zodra het slachtoffer meent dat zijn schade wel kan becijferd worden of aanzienlijk geëvolueerd is, mag het een bijkomende aanvraag indienen. Aanvullende voorschotten zijn mogelijk.

Voor de voorlopige vergoedingsvoorstellen zal het fonds zich baseren op een zelf georganiseerde medische expertise. Dat onderzoek kan worden tegengeworpen aan de aansprakelijke partij, haar verzekeraar, de Staat en eender welke betrokken derde partij.
Binnen de 6 maanden nadat er een definitief medisch rapport is, doet het fonds een definitief vergoedingsvoorstel. Het slachtoffer krijgt dan nog 3 maanden de tijd om dat aanbod te aanvaarden. Het slachtoffer kan wel opmerkingen geven. Het fonds kan dan het bod nog verder aanpassen. Het slachtoffer krijgt een maand om het aangepaste bod te aanvaarden.

Wie niet reageert, krijgt een herinneringsbrief en een laatste maand om het aanbod te aanvaarden. Wie dan nog geen reactie geeft, weigert de schadevergoeding.

Wie wel aanvaardt, krijgt 15 dagen later zijn geld. Slachtoffers hebben dan geen recht meer op andere vergoedingen voor de opgelopen schade.

Aanvulling op huidige systeem

Het nieuwe systeem zal de bestaande schadevergoedingregelingen dus niet vervangen. Het fonds staat alleen in voor het aandeel dat niet ten laste worden genomen door wie de ramp heeft veroorzaakt, een verzekeraar (hospitalisatie, gewaarborgd inkomen, groepsverzekeringen, ?) of andere betalers.

Fonds gespijsd door tak13-verzekeraars

Het fonds wordt gefinancierd door de tak13-verzekeringsondernemingen. Na de publicatie van de erkenning maakt het comité van wijzen een schatting van de schade. Elke verzekeraar krijgt een verzoek tot storting van zijn aandeel (afhankelijk van zijn marktaandeel).

De verzekeraars zijn verplicht om in te gaan op stortingsverzoeken tot 50 miljoen euro per jaar.

Nationale Kas voor Rampenschade komt tussen

Het fonds vordert de door hem uitgekeerde schadevergoedingen terug van de partij die wordt aangeduid als aansprakelijke. Kan er geen aansprakelijke worden aangeduid of is die onvermogend, dan kan het fonds zich voor terugbetaling richten tot de Nationale Kas voor Rampenschade. De Nationale Kas zal de kosten helemaal terugbetalen, maar alleen als er na de gerechtelijke procedure geen enkele partij aansprakelijk kan worden gesteld. Bij onvermogendheid van de aansprakelijk zal dat slechts 50% zijn van de kosten.

Het geld dat van de aansprakelijke, van de verzekeraar of van het ziekenfonds wordt teruggevorderd, wordt aan de tak13-verzekeringsondernemingen terugbetaald.

1 november 2012

De wet van 13 november 2011 komt er naar aanleiding van de gasramp in Gellingen op 30 juli 2004 waarbij tot op vandaag niet alle slachtoffers (volledig) zijn vergoed. De wet treedt in werking op 1 november 2012, 9 maanden na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron: Wet van 13 november 2011 betreffende de vergoeding van de lichamelijke en morele schade ingevolge een technologisch ongeval, BS 24 februari 2012 (ed.2). (Gellingenwet)

Zie ook
Wetsvoorstel (Marie-Christine Marghem) betreffende de schadeloosstelling van lichamelijke en geestelijke letsels ingevolge een technologisch ongeval, Parl. St. Kamer 2011, nr. 53K1286/001.
Wetsvoorstel (Marie-Christine Marghem) betreffende de schadeloosstelling van lichamelijke en geestelijke letsels ingevolge een technologisch ongeval, Verslag, Parl. St. Kamer 2011, nr. 53K1286/011.