Vlaanderen en Brussel volgen Europese aanpak verkeersveiligheid met intelligente vervoerssystemen

Vlaanderen en Brussel hebben de Europese richtlijn 2010/40 voor het invoeren van intelligente vervoerssystemen (ITS) omgezet in intern recht. Die richtlijn bevat een algemeen kader en een aantal prioriteiten om verkeersveiligheidsproblemen en files binnen de EU aan te pakken met innovatieve vervoerstechnologieën.

Intelligente vervoerstechnologieën

Door het toenemende wegvervoer op de Europese wegen dreigen we steeds vaker te maken te krijgen met files en verkeersveiligheidsproblemen. Zogenaamde ?intelligente vervoerssystemen' zijn hierbij een mogelijke oplossing. ITS zijn ?systemen waarin informatie- en communicatietechnologie wordt toegepast op het gebied van het wegvervoer (incl. infrastructuur, voertuigen en gebruikers), in het verkeers- en mobiliteitsbeheer en voor interfaces met andere vervoerswijzen'. Het gaat daarbij om een heel arsenaal aan systemen zoals dynamisch verkeersbeheer waarbij reisinformatie gebaseerd is op accurate weg- en realtimeverkeersgegevens, e-callsystemen voor de exacte plaatsbeschrijving bij verkeersongevallen en automatische oproep van hulpdiensten, reserveringssystemen voor beveiligde parkings voor vrachtwagens, enz.

Hoewel heel wat van die systemen al operationeel zijn in de EU, zijn ze niet op elkaar afgestemd. Europa heeft in richtlijn 2010/40 dan ook een algemeen kader uitgewerkt om de toepassing van ITS op een gecoördineerde manier te laten verlopen. Vlaanderen en Brussel hebben de kern van de richtlijn nu omgezet in intern recht. Ze zijn daarbij zo dicht mogelijk bij de originele tekst gebleven. De Brusselse ordonnantie van 28 maart 2013 en het Vlaamse decreet van 29 maart 2013 zijn dan ook nagenoeg identiek.

4 prioriteiten

Voor het ontwikkelen en toepassen van ITS zijn 4 prioritaire gebieden vastgelegd:

optimaal gebruik van weg-, verkeers- en reisgegevens;

continuïteit van ITS-diensten voor verkeers- en vrachtbeheer;

ITS-toepassingen voor verkeersveiligheid en -beveiliging;

koppeling van het voertuig aan de vervoersinfrastructuur.

Binnen deze prioritaire gebieden zijn er zes prioritaire acties:

verlening van multimodale reisinformatiediensten;

verlening van realtime verkeersinformatiediensten;

gegevens en procedures voor de verlening, waar mogelijk, van minimale universele verkeersinformatie in verband met de veiligheid op de weg die kosteloos is voor de gebruikers;

geharmoniseerde voorziening van een interoperabele eCall;

verlening van informatiediensten voor veilige en beveiligde parkeerplaatsen voor vrachtwagens en bedrijfsvoertuigen;

verlening van reservatiediensten voor veilige en beveiligde parkeerplaatsen voor vrachtwagens en bedrijfsvoertuigen.

In de richtlijn vormen deze prioritaire gebieden en acties bijlage I.

Principes voor invoering ITS

Ook bijlage II van de richtlijn wordt omgezet. Die bevat de principes voor de selectie en de invoering van ITS. Daarbij wordt reeks rekening gehouden met de behoeften. Bij de evaluatie daarvan worden alle relevante belanghebbenden betrokken.

ITS-toepassingen moeten bovendien effectief zijn, kosteneffectief zijn, proportioneel zijn, de continuïteit van de dienstverlening ondersteunen, interoperabiliteit bieden, achterwaartse compatibiliteit ondersteunen, de kenmerken van de bestaande infrastructuren en netwerken in acht nemen, gelijke toegang bevorderen, maturiteit ondersteunen, kwaliteit van tijds- en positiebepaling bieden, intermodaliteit vergemakkelijken en samenhang in acht nemen.

In werking?

Zowel de ordonnantie als het decreet treden in werking op de dag na publicatie. Voor de ordonnantie van 28 maart is dat 15 april 2013, voor het decreet 16 april 2013.

Bron: Ordonnantie van 28 maart 2013 betreffende het kader voor het invoeren van intelligente vervoerssystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen, BS 15 april 2013.

Bron: Decreet van 29 maart 2013 betreffende het kader voor het invoeren van intelligente vervoerssystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen, BS 16 april 2013.

Zie ook
Ontwerp van ordonnantie betreffende het kader voor het invoeren van intelligente vervoerssystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen, Parl. Br. 2013, nr. A-354/1.
Ontwerp van decreet betreffende het kader voor het invoeren van intelligente vervoerssystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen, Vl. Parl. 2013, nr. 1869/1.
Richtlijn 2010/40/EU van de Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2010 betreffende het kader voor het invoeren van intelligente vervoerssystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen, Pb.L. 6 augustus 2010, afl. L207/1.