Loonplafond voor arbeidsongevallenvergoedingen stijgt (art. 38-39 PW)

Het loonplafond voor de berekening van de vergoedingen voor arbeidsongevallen wordt met ingang van 1 januari 2013 met 2% verhoogd. Het gaat om de uitvoering van een maatregel uit het ontwerp van interprofessioneel akkoord (IPA) voor 2013 en 2014.

De programmawet van 28 juni 2013 herneemt de opeenvolgende bedragen die als loonplafond gelden, en voegt het bedrag dat geldt vanaf 1 januari 2013 toe aan de lijst die opgenomen is in de Arbeidsongevallenwet. Op die manier werkt de wetgever een aantal interpretatieproblemen weg.

In de bestaande lijst worden bedragen vermeld die zijn aangepast aan de index op basis van de spilindex op de datum van hun inwerkingtreding (jaren 2007 en 2009), én bedragen die nog gedeeltelijk moeten worden geïndexeerd (jaren 2005 en 2012). Bovendien worden deze loonbedragen gekoppeld aan de indexschommelingen op de wijze bepaald door de Koning. En in het betreffende artikel 39 van de Arbeidsongevallenwet staat zelfs nog een bedrag in oude Belgische franken ?

De nieuwe lijst brengt opheldering. Het jaarloon wordt getoetst aan volgende bedragen:

vóór 1 september 2004: 24.400,16 euro (index 103,14; basis 1996 = 100);

vanaf 1 september 2004: 31.578 euro (index 111,64; basis 1996 = 100);

vanaf 1 januari 2005: 32.106,79 euro (index 111,64; basis 1996 = 100);

vanaf 1 januari 2007: 33.737,51 euro (index 102,10; basis 2004 = 100);

vanaf 1 januari 2009: 34.008,45 euro (index 102,10; basis 2004 = 100);

vanaf 1 januari 2012: 34.247,87 euro (index 102,10; basis 2004 = 100);

vanaf 1 januari 2013: 34.932,83 euro (index 102,10; basis 2004 = 100).

Voor de leerlingen en voor de minderjarige werknemers die tijdelijk arbeidsongeschikt zijn, kan het in aanmerking te nemen loon niet lager zijn dan 5.496,09 euro (index 102,10; basis 2004 = 100).

Bron: Programmawet van 28 juni 2013, BS 1 juli 2013 (art. 38-39 PW)

Wet van 10 april 1971 betreffende de arbeidsongevallen, BS 24 april 1971 (art. 39 van de Arbeidsongevallenwet)