Nieuwe richtlijn over jaarrekening en geconsolideerde rekening gepubliceerd

Op 26 juni 2013 werd richtlijn 2013/34/EU aangenomen ?betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen'. De richtlijn werd bekendgemaakt in het Publicatieblad van 29 juni 2013. Ze wijzigt de 8e richtlijn 2006/43/EG betreffende de wettelijke controles van jaarrekeningen en geconsolideerde jaarrekeningen en trekt de 4e richtlijn 78/660/EEG en de 7e richtlijn 83/349/EEG in.

Nieuwe richtlijn

De nieuwe richtlijn 2013/34 neemt het programma van de Commissie voor betere regelgeving in acht, en in het bijzonder de mededeling van de Commissie met als titel ?Slimme regelgeving in de Europese Unie' die in juni 2008 werd vastgesteld en in februari 2011 werd herzien. Deze mededeling erkent de centrale rol die kleine en middelgrote ondernemingen (KMO) spelen in de economie van de Unie.

5 ondernemingscategorieën

De nieuwe tekst bekrachtigt het principe dat de boekhoudkundige verplichtingen van ondernemingen afhangen van hun omvang. De richtlijn maakt een onderscheid tussen de volgende vijf types van ondernemingen:

micro-onderneming;

kleine onderneming;

middelgrote onderneming;

grote onderneming;

organisatie van openbaar belang (OOB).

De verschillende categorieën worden bepaald op basis van drempels, waarbij rekening wordt gehouden met het balanstotaal van de onderneming, de netto-omzet en het gemiddeld personeelsbestand in de loop van het boekjaar.

Verplichtingen

Het openbaar maken van financiële overzichten kan voor micro-ondernemingen belastend zijn. Daarom bepaalt de richtlijn dat de lidstaten deze ondernemingen mogen toestaan om een verkorte balans en resultatenrekening op te stellen. Daarnaast zijn ze voor bepaalde uitgaven niet langer verplicht om gebruik te maken van overlopende rekeningen. Micro-ondernemingen kunnen onder bepaalde voorwaarden ook worden vrijgesteld van het opstellen van een toelichting en een jaarverslag.

De transparantieverplichtingen van de grote ondernemingen en de OOB werden echter aangescherpt. Om de transparantie te verbeteren, moeten ondernemingen die actief zijn in de winningsindustrie of houtkap van oerbossen significante betalingen aan overheden van de landen waar ze actief zijn in een afzonderlijk jaarverslag vermelden.

Controle

De lidstaten zien erop toe dat de rekeningen van de OOB, de middelgrote en grote ondernemingen worden gecontroleerd door één of meer wettelijke auditors of auditkantoren die hiertoe bevoegd zijn.

Die auditors of auditkantoren brengen een advies uit waarin ze oordelen:

of het jaarverslag strookt met de financiële overzichten voor hetzelfde boekjaar; en

of het jaarverslag volgens de geldende wettelijke vereisten is opgesteld.

Ze gaan bovendien na of er materiële onjuistheden zijn vastgesteld in het jaarverslag, en vermelden daarbij de aard van deze onjuistheden.

Voor kleine ondernemingen wordt geen wettelijke audit verplicht gesteld.

Inwerkingtreding

De lidstaten hebben tot 20 juli 2015 de tijd om richtlijn 2013/34/UE in hun nationaal recht om te zetten. Deze regels zullen voor het eerst van toepassing zijn op de financiële overzichten voor de boekjaren die beginnen op 1 januari 2016 of gedurende het kalenderjaar 2016.

De nieuwe richtlijn treedt in werking op 19 juli 2013, d.i. de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Bron: Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en van de Raad en tot intrekking van richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad, PBL, L.182, 29 juni 2013.