Regionalisering verkeersovertredingen (Zesde Staatshervorming)

Na de Zesde Staatshervorming blijft het Verkeersreglement een federale bevoegdheid. Een deel van de regelgeving wordt echter geregionaliseerd.

Vanaf 1 juli 2014 zijn de gewesten bevoegd voor

het bepalen van de snelheidsbeperkingen op de openbare wegen (behalve autosnelwegen);

de regelgeving m.b.t. het plaatsen van verkeerstekens en de technische eisen, met inbegrip van de controle op de verkeerstekens, behalve de verkeerstekens met betrekking tot douanestroken, aan overwegen en kruisingen met spoorwegen en op de militaire wegen;

de regelgeving m.b.t. de maximaal toegelaten massa en massa?s over de assen van voertuigen die gebruik maken van de openbare weg. Inclusief de ladingzekering, de afmetingen en de signalisatie van de lading;

het toezicht op de naleving van de technische federale voorschriften voor voertuigen m.b.t. hun inverkeersstelling en de technische keuring van voertuigen in toepassing van de federale normen. Belangrijk hierbij is dat de natuurlijke personen en de rechtspersonen die gevestigd zijn in een gewest vrij zijn om hun voertuig te laten controleren in een centrum voor technische keuring dat in een ander gewest ligt;

de homologatie van radars en andere instrumenten;

de rijscholing en rijexamens, met inbegrip van de organisatie en erkenningsvoorwaarden van rijscholen en examencentra, en de controle op de rijgeschiktheid van bestuurders en kandidaat-bestuurders met verminderde functionele vaardigheden. De federale overheid blijft bevoegd voor het bepalen van de kennis en de vaardigheden die nodig zijn voor het besturen van voertuigen. De inwoners van een gewest zijn vrij om een rijschool of examencentrum te kiezen dat in een ander gewest ligt;

de bevordering, de sensibilisering en informatie m.b.t. verkeersveiligheid.

De gewesten zullen voor deze overtredingen ook de opbrengsten uit onmiddellijke inningen, geldboeten en minnelijke schikkingen ontvangen. Om ervoor te zorgen dat de federale overheid over de nodige middelen kan blijven beschikken om haar verkeersveiligheidsbeleid voort te zetten en de politie te blijven financieren, wordt het stijvingsmechanisme van het Verkeersveiligheidsfonds aangepast.

De gewesten worden ook bevoegd om de administratieve en strafrechtelijke sancties te bepalen voor overtredingen van de geregionaliseerde verkeersregels. Dit doet echter geen afbreuk aan de prerogatieven van de politie, het parket, rechtbanken en hoven. Gewestelijke ambtenaren zullen toezien op de naleving van de gewestelijke regels. De politie staat in voor het vaststellen van inbreuken.

De wijzigingen worden ingevoerd via

de Bijzondere wet van 6 januari 2014 met betrekking tot de Zesde Staatshervorming (art. 25 e.a.);

de Bijzondere wet van 6 januari 2014 wet tot hervorming van de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, tot uitbreiding van de fiscale autonomie van de gewesten en tot financiering van de nieuwe bevoegdheden (art. 5);

de wet van 6 januari 2014 met betrekking tot de Zesde Staatshervorming inzake de aangelegenheden bedoeld in artikel 78 van de Grondwet (art. 8-10); en

herziening van artikel 78 van de Grondwet;

Bron: Bijzondere wet van 6 januari 2014 met betrekking tot de Zesde Staatshervorming, BS 31 januari 2014.

Bron: Bijzondere wet van 6 januari 2014 wet tot hervorming van de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, tot uitbreiding van de fiscale autonomie van de gewesten en tot financiering van de nieuwe bevoegdheden, BS 31 januari 2014.

Bron: Wet van 6 januari 2014 met betrekking tot de Zesde Staatshervorming inzake de aangelegenheden bedoeld in artikel 78 van de Grondwet, BS 31 januari 2014.

Bron: Herziening van artikel 78 van de Grondwet, BS 31 januari 2014.

Zie ook
Voorstel van bijzondere wet met betrekking tot de Zesde Staatshervorming, Parl. St. Senaat 2013, nr. 5-2232/1.
Wetsvoorstel met betrekking tot de Zesde Staatshervorming inzake de aangelegenheden bedoeld in artikel 78 van de Grondwet, Parl. St. Senaat 2013, nr. 5-2234/1.