Senaat wordt afgeslankt (Zesde Staatshervorming)

Op 31 januari zijn in het Staatsblad heel wat herzieningen van de Grondwet verschenen. 24 van die akten horen samen. Ze maken de hervorming mogelijk van de Senaat en het tweekamerstelsel.

Zesde Staatshervorming

Het institutioneel akkoord voor de Zesde Staatshervorming bepaalt dat de Senaat moet worden aangepast aan de nieuwe staatsstructuur. Bij de komende verkiezingen zal de Senaat worden omgevormd tot een 'kamer van de deelstaten'. Uit de Parlementaire Stukken blijkt dat het de bedoeling is dat de deelstaatparlementen voldoende inspraak behouden bij de organisatie en de werking van de federale staat.

De afgeslankte Senaat wordt een 'ontmoetingsplaats voor de gemeenschaps- en gewestparlementen' en een 'participatieforum in de federale overheid'. Dat blijkt uit het verslag dat de commissie voor de herziening van de Grondwet en de hervorming van de instellingen op 13 december 2013 heeft uitgebracht.

Afgeslankte Senaat

De afgeslankte Senaat zal bestaan uit 60 senatoren:

1/ 50 deelstaatsenatoren oefenen hun mandaat als senator uit naast hun mandaat als lid van een gemeenschaps- of gewestparlement. Zij vertegenwoordigen de deelstaten:

29 senatoren worden aangewezen door het Vlaams Parlement. Deze senatoren behoren tot de Nederlandse taalgroep van de Senaat.

10 senatoren worden aangewezen door het Parlement van de Franse Gemeenschap. 8 senatoren worden aangewezen door het Parlement van het Waals Gewest. 2 senatoren worden aangewezen door de Franse taalgroep van het Parlement van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Die groep van 20 senatoren behoort tot de Franse taalgroep van de Senaat.

1 senator wordt aangewezen door het Parlement van de Duitstalige Gemeenschap.

De zetelverdeling voor de deelstaatsenatoren die tot de Nederlandse of de Franse taalgroep behoren, zal gebeuren op grond van de uitslag van de verkiezingen van de gemeenschaps- en de gewestparlementen, volgens het wettelijk bepaalde stelsel van evenredige vertegenwoordiging.

De deelstaatsenatoren worden vergoed door de parlementen die hen aangewezen hebben.

2/ 10 gecoöpteerde senatoren worden aangewezen door de deelstaatsenatoren. De verdeling van deze zetels zal gebeuren op basis van de verkiezingsuitslag voor de Kamer van volksvertegenwoordigers, volgens het stelsel van evenredige vertegenwoordiging. 6 van deze senatoren maken deel uit van de Nederlandse taalgroep van de Senaat, 4 van deze senatoren behoren tot de Franse taalgroep.

Bevoegdheden

Uit het commissieverslag blijkt dat de bevoegdheden van de hervormde Senaat beperkt worden. Ze 'vertalen' de 3 essentiële functies van de Senaat die voortaan een normatieve, een adviserende en een bemiddelende rol heeft:

1/ Normatief speelt de Senaat een beperkte rol. De vergadering zal op voet van gelijkheid staan met de Kamer van volksvertegenwoordigers bij de procedures tot herziening en coördinatie van de Grondwet, de bijzondere wetten, en de aangelegenheden die overeenkomstig de Grondwet door beide wetgevende kamers moeten worden geregeld.

Verder blijft de Senaat bevoegd voor bepaalde gewone wetten met een institutioneel karakter. Voor bepaalde andere wetten waarvoor de Senaat op dit moment op voet van gelijkheid staat met de Kamer, behoudt de Senaat wel een evocatierecht. De overige aangelegenheden zullen monocameraal worden. De wetgevende macht zal voor deze materies dus worden uitgeoefend door de Kamer van volksvertegenwoordigers en de Koning. Zij krijgen de residuaire wetgevende bevoegdheid.

2/ De Senaat krijgt een adviserende rol bij ?transversale? thema?s waarbij samenwerking tussen de deelgebieden en de federale overheid noodzakelijk is.

3/ De Senaat behoudt zijn bemiddelende rol bij de behandeling van belangenconflicten. De Senaat zal bevoegd blijven voor een aantal voordrachts- en benoemingsprocedures. Zo blijft de Senaat zijn huidige rol behouden bij de voordracht van kandidaten en de benoeming van de rechters van het Grondwettelijk Hof, de staatsraden, de assessoren van de Raad van State, en de niet- magistraten van de Hoge Raad voor de Justitie. Hier blijven de regels ongewijzigd.

Let op! De politieke controlefunctie van de Senaat op de federale regering wordt volledig afgeschaft. De Senaat verliest dus het recht van onderzoek en de mogelijkheid tot het stellen van mondelinge vragen of vragen om uitleg aan de regering. Maar de Senaat behoudt wel het recht om schriftelijke vragen te stellen over aangelegenheden die tot zijn bevoegdheid behoren.

Ook de internationale functie van de Senaat wordt zeer sterk ingeperkt. Zo is de Senaat niet langer bevoegd voor de procedure tot instemming met verdragen. Maar de Senaat behoudt wel een 'substitutierecht' ten aanzien van de federale overheid om de naleving van internationale of supranationale verplichtingen te verzekeren. De tussenkomst van de Senaat in de bepalingen met betrekking tot de monarchie blijft ongewijzigd.

Herzieningen

We overlopen kort de bepalingen van de Grondwet die werden herzien:

De herziening van artikel 43 organiseert de taalgroepen in de twee wetgevende vergaderingen.

De herziening van artikel 44 verleent de Senaat een niet-permanent karakter.

De herziening van artikel 46 brengt wijzigingen aan in de regels voor de ontbinding van de federale wetgevende kamers.

De herziening van artikel 64 brengt de leeftijd om verkiesbaar te zijn in de Kamer van volksvertegenwoordigers op 18 jaar.

De herziening van artikel 67 regelt de nieuwe samenstelling van de Senaat.

De herziening van artikel 68 regelt de verdeling van de senaatszetels over de lijsten.

De herziening van artikel 69 behandelt de voorwaarden om senator te kunnen worden.

De herziening van artikel 70 behandelt de duur van het mandaat van de senatoren.

De herziening van artikel 71 behandelt de vergoeding van de senatoren.

De herziening van artikel 72 heft het huidige artikel op op de dag van de verkiezingen, met het oog op de vernieuwing van de gemeenschaps- en gewestparlementen in 2014.

De herziening van artikel 119 behandelt de onverenigbaarheid tussen het lidmaatschap van een gemeenschaps- of gewestparlement en dit van de Kamer van volksvertegenwoordigers en een mandaat als senator.

De herziening van artikel 56 handelt over het recht op onderzoek.

De herziening van artikel 57 behandelt de verzoekschriften.

De herziening van artikel 100 handelt over het vorderen van de aanwezigheid van ministers.

De herziening van artikel 74 regelt de uitoefening van de federale wetgevende macht.

De herziening van artikel 77 omschrijft de aangelegenheden waarvoor de Kamer en de Senaat gelijk bevoegd zijn.

De herziening van artikel 78 omschrijft de aangelegenheden waarvoor de Senaat een evocatierecht kan uitoefenen.

De herziening van artikel 75 behandelt het recht van wetgevend initiatief.

De herziening van artikel 76 behandelt de procedure voor een tweede lezing in het reglement van de Kamer van volksvertegenwoordigers.

De herziening van artikel 79 heft het huidige artikel op op de dag van de verkiezingen, met het oog op de vernieuwing van de gemeenschaps- en gewestparlementen in 2014.

De herziening van artikel 80 heft het huidige artikel 80 op op de dag van de verkiezingen, met het oog op de vernieuwing van de gemeenschaps- en gewestparlementen in 2014.

De herziening van artikel 81 heft het huidige artikel op op de dag van de verkiezingen, met het oog op de hele vernieuwing van de gemeenschaps- en gewestparlementen in 2014.

De herziening van artikel 82 regelt de parlementaire overlegcommissie en de geldende termijnen.

De herziening van artikel 167 handelt over de sluiting van verdragen door de gemeenschaps- en gewestregeringen.

In werking

De samenstelling van de nieuwe Senaat is gebaseerd op de uitslag van de verkiezingen van de Kamer van volksvertegenwoordigers én de verkiezingen van de gemeenschaps- en gewestparlementen. Die verkiezingen worden op dezelfde dag gehouden. Het is dus logisch dat de Senaat in 2014 zal worden vernieuwd volgens de hierboven beschreven principes.

Bron: Herziening van artikel 43 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 44 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 46 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 64 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 67 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 68 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 69 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 70 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 71 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 72 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 119 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 56 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 57 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 100 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 74 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 77 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 78 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 75 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 76 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 79 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 80 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 81 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 82 van de Grondwet, BS 31 januari 2014

Bron: Herziening van artikel 167 van de Grondwet, BS 31 januari 2014