Mozaïekbesluit bundelt diverse bepalingen inzake welzijn op het werk

Een KB van 24 april 2014 bundelt een reeks aanpassingen binnen het domein welzijn op het werk.

Daartoe worden volgende uitvoeringsbesluiten van de welzijnswet van 4 augustus 1996 aangepast:

het KB van 28 mei 2003 betreffende het gezondheidstoezicht op de werknemers

het KB van 27 augustus 1993 betreffende het werken met beeldschermapparatuur

het KB van 4 augustus 1996 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico?s bij de blootstelling aan biologische agentia op het werk

het KB van 27 maart 1998 betreffende het beleid inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk

het KB van 27 maart 1998 betreffende de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk

We sommen de belangrijkste nieuwigheden op en baseren ons daarbij op een nieuwsbericht van de FOD WASO.

Onmiddellijk in werking

1/ Rechtstreekse en discrete toegang tot arbeidsgeneesheer.
De werknemer kan zich rechtstreeks wenden tot de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer indien hij een spontane raadpleging of een bezoek voorafgaand aan de werkhervatting wenst. Hij moet niet langer eerst een verzoek richten tot zijn werkgever. De geneesheer brengt de werkgever slechts op de hoogte indien de werknemer hiermee instemt.

2/ Inschakeling arbeidsgeneesheer bij toename risico?s door toestand werknemer.
De werkgever krijgt de mogelijkheid om de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer te verwittigen indien hij vaststelt dat de lichamelijke of geestelijke toestand van een werknemer de risico's verbonden aan de werkpost onmiskenbaar verhoogt.

3/ Overleg met andere artsen.
Er wordt expliciet in de regelgeving vermeld dat de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer overleg kan plegen met de behandelende arts of de adviserend geneesheer naar aanleiding van een onderzoek bij werkhervatting, of van een bezoek voorafgaand aan de werkhervatting. De werknemer dient hiervoor wel toestemming te geven.

4/ Vermelding van namen en contactgegevens van preventieadviseurs.
De werkgever dient zijn werknemers te informeren over de opdrachten en taken van zijn interne en eventueel zijn externe dienst, en van de preventieadviseurs die in deze diensten werken. Hij moet in zijn onderneming ook de namen en contactgegevens van de verschillende preventieadviseurs bekend maken zodat elke werknemer op elk ogenblik kan weten wie deze personen zijn en waar ze zich bevinden. Dat is bijvoorbeeld belangrijk voor een spontane raadpleging bij de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer.

In werking op 1 januari 2016

1/ Opheffing gezondheidstoezicht voor voedingswaren.
Het verplicht gezondheidstoezicht wordt opgeheven voor de werknemers die activiteiten uitoefenen die een behandeling of een onmiddellijk contact inhouden met voedingswaren of voedingsstoffen.
In plaats daarvan wordt een nieuwe afdeling ingevoegd in het koninklijk besluit van 4 augustus 1996 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico's bij blootstelling aan biologische agentia op het werk. Hierin voorziet men onder andere in een opleiding over richtsnoeren en procedures in verband met voedselhygiëne, en in een vijfjaarlijkse specifieke risicoanalyse.

2/ Opheffing gezondheidstoezicht voor beeldschermwerk.
Het verplicht gezondheidstoezicht wordt opgeheven voor de werknemers die onderworpen zijn aan het risico beeldschermwerk.
In plaats daarvan voorziet men onder meer in een vijfjaarlijkse specifieke risicoanalyse en passende preventiemaatregelen. Deze analyse kan aangevuld worden met een bevraging of een ander instrument dat peilt naar de werkomstandigheden van de werknemer.

Bron: Koninklijk besluit van 24 april 2014 tot wijziging van diverse bepalingen inzake welzijn op het werk, BS 23 mei 2014

Zie ook:
? Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, BS 18 september 1996 (welzijnswet voor werknemers)
? Nieuwsbericht van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg