Belastingkrediet voor zelfstandigen vanaf aanslagjaar 2015 terugbetaalbaar

De wet van 8 mei 2014 wijzigt een aantal bepalingen van het WIB 1992 over de vestiging en invordering van de belastingen, meer bepaald inzake de terugbetaalbare bestanddelen en inzake ambtshalve ontheffing. Het belastingkrediet voor zelfstandigen is voortaan terugbetaalbaar.

Belastingkrediet voor zelfstandigen

Het belastingkrediet voor zelfstandigen (art. 289bis, § 1, WIB 1992) is momenteel alleen verrekenbaar met het gedeelte van de personenbelasting dat betrekking heeft op de beroepsinkomsten.

Vanaf aanslagjaar 2015 is het belastingkrediet voor zelfstandigen terugbetaalbaar. De verrekenbaarheid ervan is dus niet meer beperkt.

De wet van 8 mei 2014 voegt artikel 289bis, § 1, WIB 1992 toe aan de lijst van terugbetaalbare elementen in artikel 304, § 2, eerste lid, WIB 1992.

Overschot gewestelijke belastingkredieten

Artikel 304, § 2, eerste lid, WIB 1992 vermeldt voortaan expliciet dat het overschot van de gewestelijke belastingkredieten:

verrekenbaar is met de aanvullende gemeente- en agglomeratiebelasting

na eventuele verrekening met de aanvullende gemeente- en agglomeratiebelastingen voor het saldo terugbetaalbaar is, indien het tenminste 2,50 euro bedraagt.

Een expliciete verwijzing naar de 'in titel VIII van het WIB 1992 bedoelde aanvullende belastingen' moet verwarring tussen de gewestelijke aanvullende belasting op de personenbelasting en de aanvullende gemeente- en agglomeratiebelasting vermijden.

Ambtshalve ontheffing

Door de gewestelijke belastingkredieten te vermelden in artikel 304 § 2 van het WIB 1992 is het mogelijk om voor deze belastingkredieten een ambtshalve ontheffing te vragen bij toepassing van artikel 376 van het WIB 1992.

Nieuwe belastingverminderingen

Vanaf aanslagjaar 2015 worden de aftrek voor enige woning en de bijkomende intrestaftrek omgevormd in een belastingvermindering. Deze belastingverminderingen zullen worden verleend op basis van de artikelen 526, § 1 en 539 van het WIB 1992.

Er wordt derhalve een verwijzing naar deze artikelen toegevoegd in artikel 376 § 3, 2° van het WIB 1992, zodat ook hiervoor ambtshalve ontheffing mogelijk wordt.

Bestaande belastingverminderingen

De bestaande belastingverminderingen waarvoor de gewesten vanaf aanslagjaar 2015 de uitsluitende bevoegdheid hebben zijn in het WIB 1992 opgenomen en kunnen op basis van het bestaande artikel 376 § 3, 2° van het WIB 1992 aanleiding geven tot ambtshalve ontheffing.

Dit is echter niet het geval voor de gewestelijke belastingverminderingen die reeds vóór de herziening van de bijzondere financieringswet werden ingevoerd, zoals de Vlaamse belastingvermindering voor renovatie-overeenkomsten en de Waalse belastingvermindering voor het verwerven van obligaties van de Caisse d?Investissement de Wallonie.

Om deze gewestelijke belastingverminderingen eveneens in aanmerking te laten komen voor ambtshalve ontheffing, voegt de wet van 8 mei 2014 een verwijzing naar ?gewestelijke belastingverminderingen? toe in artikel 376 § 3, 2° van het WIB 1992.

Voor de volledigheid wordt ook een verwijzing naar de gewestelijke kortingen toegevoegd.

In werking

Het gewijzigde artikel 304 van het WIB 1992 treedt in werking vanaf aanslagjaar 2015.

De wijzigingen aan artikel 376 van het WIB 1992 zullen van toepassing zijn op de ambtshalve ontheffingen met betrekking tot aanslagjaar 2015 en volgende.

Bron: Wet van 8 mei 2014 tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 ingevolge de invoering van de gewestelijke aanvullende belasting op de personenbelasting als bedoeld in titel III/1 van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten, tot wijziging van de regels op het stuk van de belasting van niet-inwoners en tot wijziging van de wet van 6 januari 2014 met betrekking tot de Zesde Staatshervorming inzake de aangelegenheden bedoeld in artikel 78 van de Grondwet, BS 28 mei 2014 - art. 91, art. 92 en art. 93