Dossiertaks betalen voor omgevingsvergunning

Gemeenten en provincies kúnnen een dossiertaks opleggen voor het behandelen van een omgevingsvergunningsaanvraag, maar dat wordt niet geregeld in het Omgevingsvergunningsdecreet. Het decreet laat daar de lokale autonomie spelen, lezen we in de toelichting bij het ontwerp van uitvoeringsbesluit (p. 7). Wat wel vast staat, is dat de gewestelijke overheid altijd een dossiertaks zal vragen, zowel wanneer zij een vergunningsaanvraag moet behandelen in eerste aanleg, als in beroep.

Volgens het nieuwe decreet is elke natuurlijke of rechtspersoon een dossiertaks verschuldigd:

wanneer hij een vergunningsaanvraag in eerste aanleg indient bij de Vlaamse regering of bij de gewestelijke omgevingsambtenaar;

wanneer hij beroep indient tegen een beslissing die in eerste aanleg werd genomen over een omgevingsvergunningsaanvraag. De betrokkene moet géén dossiertaks betalen als hij beroep instelt tegen een stilzwijgende weigering van de omgevingsvergunningsaanvraag; en

wanneer hij beroep indient tegen een beslissing die in eerste aanleg werd genomen over een verzoek tot bijstelling. De betrokkene moet géén dossiertaks betalen als hij beroep instelt tegen een stilzwijgende weigering van het verzoek tot bijstelling.

Het Omgevingsvergunningsdecreet specificeert niet of de dossiertaks alleen verschuldigd is wanneer er beroep wordt ingesteld bij de Vlaamse regering of gewestelijke omgevingsambtenaar, of ook wanneer er beroep wordt ingediend bij de deputatie.
In het decreet staat immers ook nog dat de dossiertaks moet worden gestort op rekening van de provincie, als er beroep wordt ingesteld bij de deputatie.
Het ontwerp van uitvoeringsbesluit geeft geen uitsluitsel, want daar wordt er alleen gesproken over de taks op gewestelijk niveau.

De dossiertaks bedraagt:

500 euro wanneer de betrokkene een vergunningsaanvraag in eerste aanleg indient bij de Vlaamse regering of bij de gewestelijke omgevingsambtenaar; en

100 euro in alle andere situaties.

De gewestelijke dossiertaks wordt gestort in een nieuw op te richten Omgevingsfonds. De bedragen uit dat fonds zullen aangewend worden ?voor beleidskosten die verband houden met de voorbereiding, organisatie en uitvoering van het Omgevingsvergunningsdecreet?.

Bron: Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, BS 23 oktober 2014 (art. 11-12 van het Omgevingsvergunningsdecreet en art. 2-5 van het ontwerp van uitvoeringsbesluit).