Inkomensgrenzen voor tegemoetkoming hulp aan bejaarden naar omhoog

Vlaanderen zorgt ervoor dat wie zijn pensioen combineert met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden geen lagere tegemoetkoming zal krijgen door de welvaartsaanpassing van de pensioenen. Het inkomen dat is vrijgesteld voor de berekening van de tegemoetkoming wordt verhoogd in functie van de op federaal vlak doorgevoerde welvaartsaanpassing. Concreet gaat het om een verhoging van de inkomensgrenzen met 1,8 procent.

Welvaartsaanpassing

De federale overheid heeft op 1 september 2015 een welvaartsaanpassing doorgevoerd bij een aantal pensioenen. Voor mensen die hun pensioen combineren met een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden bestaat echter het risico dat die welvaartsaanpassing hen geen financieel voordeel oplevert. De kans bestaat immers dat de verhoging van het pensioen leidt tot een verlaging van de tegemoetkoming.

Verhoging vrijgestelde inkomsten

Om dit te vermijden grijpt Vlaanderen in. Het inkomen dat is vrijgesteld voor de berekening van de tegemoetkoming wordt verhoogd. En dit in functie van de welvaartsaanpassing van de pensioenen. Aangezien het pensioen maar voor 90 procent wordt meegeteld in het inkomen, volstaat een verhoging van de inkomensgrens met 1,8 procent. Die verhoging zorgt ervoor dat de welvaartsaanpassing geen invloed heeft op de tegemoetkoming.

Nieuwe inkomensgrenzen

De inkomensgrenzen zijn afhankelijk van de gezinssamenstelling. Voor wie tot de categorie C behoort gelden hogere inkomensgrenzen dan voor wie onder de categorie A of B valt.
Tot categorie C behoort de bejaarde die samenwoont met een persoon die geen bloed- of aanverwant is tot de derde graad of de bejaarde die één of meerdere kinderen ten laste heeft. Voor hen geldt een inkomensgrens van 12.436,82 euro (niet geïndexeerd). Geïndexeerd gaat het om 16.410,38 euro per jaar.

Tot categorie B behoort men als men alleen woont of langer dan drie maanden in een voorziening verblijft. In categorie A zit iedereen die niet onder categorie B of C valt. Het gaat bv. om mensen met een handicap die met familieleden samenwonen. De inkomensgrens voor de categorie A en B bedraagt voortaan 9.952,76 euro (niet geïndexeerd). Geïndexeerd gaat het om 13.132,67 euro per jaar.

Wie een inkomen heeft dat niet boven de inkomensgrenzen komt, kan het maximumbedrag van de tegemoetkoming krijgen.
Wie er wel boven gaat, kan de tegemoetkoming ook nog krijgen. Maar dan niet het volledige bedrag. Het bedrag dat boven de inkomensgrens uitsteekt, wordt afgetrokken van de maximumtegemoetkoming.

Inwerkingtreding

Het Vlaamse besluit van 2 oktober 2015 treedt in werking op 1 september 2015.

Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 2 oktober 2015 tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 maart 1990 betreffende de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden, wat betreft de aanpassing van de inkomensgrenzen, BS 21 oktober 2015