Notities bij telefoontap beperkt tot relevante passages (art. 67 en 68 Potpourri II)

Voortaan wordt bij de verwerking van telefoontaps alleen nog notitie genomen van de passages die relevant zijn voor het onderzoek. De officieren van gerechtelijke politie zijn niet langer verplicht om het volledige gesprek op papier te zetten.

Dat vraagt te veel tijd en geld. Zeker nu het gebruik van telecommunicatie exponentieel toeneemt. Door de overschrijving te beperken tot de relevante passages van de opnames, kunnen heel wat officieren die voor deze taak waren aangewezen, voor andere gerechtelijke opdrachten worden ingezet.

Maar het Wetboek van Strafvordering bepaalt wel uitdrukkelijk dat in het proces-verbaal ook de onderwerpen en de gebruikte communicatiemiddelen moeten worden opgesomd van de 'niet van belang geachte communicaties'. Wanneer een communicatie in haar geheel relevant is, moet het pv uiteraard, de volledige overschrijving ervan bevatten. En de eventuele vertaling ervan. Communicatie of telecommunicatie die onder het beroepsgeheim valt, wordt niet opgetekend in het proces-verbaal. Ze wordt neergelegd ter griffie in een bestand onder verzegelde omslag.

Los van de selectie door de officieren van gerechtelijke politie, beoordeelt ook de onderzoeksrechter welke delen van de opgenomen gespreken van belang zijn voor het onderzoek. Wanneer deze gedeelten niet zijn overgeschreven of vertaald, kan hij dus alsnog bevelen om dit te doen.

Het inperken van de overschrijving heeft ook gevolgen voor het verdere verloop van de procedure. Het moet immers steeds mogelijk zijn voor de verdediging om de volledige (tele)communicatie waaruit bepaalde relevante gedeelten werden gelicht, te raadplegen. En eventueel over te schrijven. De Potpourri II-wet wijzigt daarom de bepalingen over het recht van de verdediging.

Wat de (tele)communicatie betreft, waaruit geen enkel relevant gedeelte werd overschreven blijft de oude regeling van kracht: de partijen moeten een verzoek indienen bij de onderzoeksrechter.

Dit onderdeel van de Potpourri II-wet treedt in werking op 29 februari 2016, 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron: Wet van 5 februari 2016 tot wijziging van het strafrecht en de strafvordering en houdende diverse bepalingen inzake justitie, BS 19 februari 2016 (art. 67 en 68 Potpourri II).

Zie ook
Wetboek van Strafvordering (art. 90sexies en 90septies)